Dakloze jongeren: een onzichtbare groep

Denischa Faria (23) is één van de ruim 500 dak- en thuisloze jongeren in Amsterdam. Deze groep krijgt veel te weinig of juist verkeerde aandacht, meent documentairemaakster Juliëtte Spaaij. In de hoop daar verandering in te brengen volgde zij Denischa voor haar documentaire Jij net zo goed als ik.

Denischa is na ruzie thuis in 2018 door haar moeder uit huis gezet. Met hulp van jeugdbescherming probeerde zij de band me haar moeder te herstellen maar tevergeefs. ‘Je doet je best om je moeder te bewijzen dat je bent veranderd. Als zij dat niet ziet, dan houdt het voor jou ook op. Toen heb ik gezegd “ok, dan heb je ook geen dochter meer” en heb ik de babyfoto’s weggegooid.’

Denischa vindt sindsdien onderdak bij vrienden of organisaties als HVO-Querido. Volgens een laatste schatting van de gemeente telt de stad ruim 520 dak- of thuisloze jongeren zoals Denischa. Het CBS stelde vast dat deze groep landelijk aanzienlijk groeit. In tien jaar tijd verdriedubbelde het aantal jongeren zonder dak boven hun hoofd van 4000 in 2009 naar 12.000 in 2019. 

Juliëtte Spaaij sprak tijdens haar research voor Jij net zo goed als ik met veel jongeren als Denischa. De meeste jongeren die op straat belanden, kunnen daar in de meeste gevallen weinig aan doen. ‘Het heeft vaak te maken met een onstabiele thuissituatie’, vertelt de regisseur. ‘Dan worden ze door hun ouders uit huis gezet en verliezen ze het contact met hun familie.’

Met de documentaire hoopt Spaaij bewustwording te creëren door te laten zien waar deze jongeren dagelijks tegenaan lopen. ‘Over deze groep bestaan veel vooroordelen’, merkt ze. ‘We kennen allemaal het stereotype van een zwerver die op straat leeft, maar deze groep is onzichtbaar en is dat juist niet.’